Samenwerking in een BV of NV beëindigen: enkele complicaties

Het vorige artikel gaat over beëindiging van een samenwerking in een BV of NV indien zowel u als uw partner dit willen. Het artikel behandelt de aandelenoverdracht, het aftreden als statutair directeur, de ontbinding van de BV of NV en het aanvragen van faillissement van de BV of NV.

Dit artikel behandelt de situatie dat u de samenwerking in de BV of NV wel wilt beëindigen maar uw partner niet, de situatie dat uw partner een puinhoop maakt van de financiën, of de situatie dat u niet eens meer weet wat uw partner allemaal doet.

1. U wilt de samenwerking beëindigen, maar uw partner niet
Ook hier wordt er vanuit gegaan dat u een samenwerking hebt met uw partner, waarbij u beiden 50% van de aandelen hebtin de BV of NV (verder: “de vennootschap”), en u beiden statutair bestuurder bent, volledig bevoegd.

Natuurlijk kan de situatie ontstaan dat u niet meer verder wilt met deze partner en u de samenwerking wilt beëindigen. In het vorige artikel is besproken op welke manieren u dit kunt doen. In het geval dat uw partner de samenwerking niet wil beëindigen wordt de situatie gecompliceerder, maar zeker niet onmogelijk.

Verzoek tot uitkoop en verzoek tot ontbinding van de vennootschap
Indien u uit de vennootschap wilt stappen, dan kunt u uw aandelen verkopen en aftreden als statutair directeur. De vennootschap bestaat dan voort zonder u. Indien er een blokkeringsregeling is opgenomen in de statuten dient u uw aandelen eerst aan te bieden aan uw partner volgens de statutaire bepalingen. Als uw partner uw aandelen niet wil overnemen dan kunt u aan een derde verkopen. Maar wat indien uw partner de aandelen niet wil kopen en een derde ook niet? U zou de rechter kunnen verzoeken om uw partner te dwingen uw aandelen te kopen: een verzoek tot uitkoop. U moet dan wel zeer dringende redenen aanvoeren waarom van u niet verwacht kan worden dat u nog langer aandeelhouder blijft van de vennootschap.

Ook zou u kunnen kiezen voor een ontbinding, waardoor de vennootschap wordt beëindigd. Indien uw partner niet wil meewerken aan ontbinding, dan kunt u de rechter daartoe verzoeken. U dient ook dit verzoek goed te motiveren aangezien de rechter dit verzoek ook niet gemakkelijk toewijst. Zoals in het vorige artikel aangegeven, dienen de uitstaande schulden wel eerst voldaan te worden voordat de vennootschap kan worden ontbonden. Indien de vennootschap haar schulden niet kan betalen, zou het faillissement kunnen worden aangevraagd.

Zowel in het geval dat u uw aandelen wilt verkopen en wilt aftreden als statutair directeur als in het geval dat u het faillissement van de vennootschap aanvraagt, dient u uw positie als statutair directeur eerst goed te bekijken. Hebt u gedurende uw gehele bestuursperiode correct gehandeld? En indien uw partner dit niet heeft gedaan, hebt u dan altijd op de juiste wijze ingegrepen om schade voor de vennootschap en derden te voorkomen? Zo ja, dan kunt u met een gerust hart de door u gekozen weg inslaan. Indien u niet altijd correct hebt gehandeld als bestuurder, dan is het raadzaam dat u er eerst voor zorgt dat de fouten hersteld worden en de schade gecompenseerd wordt voordat u de door u gekozen weg inslaat. Doet u dit niet, dan kunt u later geconfronteerd worden met persoonlijke aansprakelijkheid (bestuurdersaansprakelijkheid) voor geleden schade, in het bijzonder in het geval van een faillissement. Natuurlijk wilt u een décharge op het moment dat u aftreedt als statutair bestuurder. Een décharge kan u echter niet beschermen tegen schadeclaims van de curator en andere derden, indien u uw bestuursfunctie niet correct heeft uitgevoerd.

2. Uw partner ‘knoeit’ met de financiën
Om persoonlijke aansprakelijkheid te voorkomen is het van groot belang dat u zelf correct uw bestuursfunctie uitoefent en in het belang van de vennootschap handelt. Maar het is ook van belang dat u erop toeziet dat het gehele bestuur, dus ook uw partner, correct handelt. U bent namelijk niet alleen verantwoordelijk voor bepaalde taken. Wellicht hebt u een taakverdeling afgesproken, toch blijft u gezamenlijk als bestuur verantwoordelijk voor de correcte uitvoering van de bestuurstaak. Het is dus ontoelaatbaar dat alleen u of alleen uw partner toegang heeft tot de boekhouding en de betaalmiddelen van de vennootschap. Als dit al het geval is, kunt u zich niet vrijpleiten door te stellen dat u geen toegang had tot de financiën omdat uw partner alle middelen had. U dient er te allen tijde voor te zorgen dat het gehele bestuur de taken correct uitvoert.

Zodra u merkt dat uw partner heimelijk bezig is met de (financiële) zaken van de vennootschap, en in het ergste geval dat u geen enkele toegang meer daartoe heeft, dan is het van het grootste belang voor de vennootschap maar ook voor u zelf dat u daar zo snel mogelijk een einde aan maakt.

Indien uw partner niet genegen is mee te werken, kunt u hem daartoe sommeren en is het verstandig deze kwestie ook in de aandeelhoudersvergadering aan te kaarten. Vervolgens kan blijken dat u op geen enkele wijze uw partner kunt overtuigen dat deze zijn ‘alleenheerschappij’ dient te stoppen. In het uiterste geval kunt u de rechter verzoeken om uw medebestuurder te ontslaan (of te schorsen) als statutair bestuurder. In het gehele traject is het van groot belang dat u ervoor zorgt te kunnen bewijzen dat u te allen tijde correct heeft gehandeld als bestuurder en misstanden direct heeft aangepakt om schade voor de vennootschap en derden te voorkomen. Door te zorgen voor bewijs dat u altijd correct hebt gehandeld en tegen misstanden hebt opgetreden, kunt u persoonlijke aansprakelijkheid voorkomen.

Lees meer over dit onderwerp

Neem contact op met advocaat Saskia van de Griek voor een beëindiging van een (samenwerking in een) vennootschap met complicaties of bij bestuurdersaansprakelijkheid.

Ondernemingsrecht diensten van dit advocatenkantoor
Profiel van deze advocaat
Referenties

 


Share this:
Facebooktwittergoogle_pluslinkedinmail
Follow us:
Facebooktwittergoogle_pluslinkedin